Het project



Werf
Transport
Lofepaco
Kyatenga

De voorbije twee jaar bouwde La Coopérative Centrale du Nord Kivu (Coocenki) een waterkrachtcentrale om hun maïsmaalderij van energie te voorzien. Sinds 23 oktober 2011 draaien de machines op waterkracht. Daniel, de directeur, vertelde tijdens het openingsfeest: "Met de generator hadden we vier liter diesel nodig om 100kg maïs te malen. Nu we waterkrachtenergie hebben, zal dat voordelig zijn voor zowel Coocenki als haar leden: de kosten voor het malen zijn gedaald van 8 dollar per 100kg naar 1 dollar per 100kg maïs, weliswaar zonder de onderhoudskosten van de waterkrachtcentrale te rekenen. Nu kunnen we echt veel beter concurreren op de markt."


Lofepaco

Sinds begin januari 2012 ondersteunen we een nieuw project. Lofepaco, de koepel van vrouwenorganisaties in Oost-Congo, zette vijf jaar geleden samen met Vredeseilanden een rijstprogramma op in de vlakte van Kyatenga, vlakbij de grens met Oeganda. De boerinnen kregen adviezen om hun bodems vruchtbaarder te maken, ze testten nieuwe rijstvariëteiten uit, ze wiedden hun velden regelmatig. En dat wierp zijn vruchten af. Ieder jaar oogsten de boerinnen meer rijst.

De prijs van een zak van 100kg rijst is ongeveer 40 dollar vlak na de oogst, maar drie maanden later is hij het dubbele tot het driedubbele waard! Daarom stimuleren de lokale comités van Lofepaco hun leden om hun rijst een paar maanden te bewaren. Ze kunnen een klein krediet aanvragen bij de 'bank' van Lofepaco om dringende kosten te betalen. Voor kleine bedragen en met hun oogst als waarborg lukt dat.

Maar waar kunnen ze hun rijstzakken stockeren? Voorlopig bewaart iedereen de rijst thuis. In de keuken, in de slaapkamer, of buiten. Het risico is groot. Aangezien de vrouwen ook in de huizen koken, gebeurt het al eens dat er brand uitbreekt. Zo gaan jaarlijks kilo's rijst in rook op. Ratten vreten aan de zakken, de rijst wordt vochtig en beschimmelt, … De kleine huisjes zijn absoluut niet geschikt als opslagplaats.

Lofepaco heeft wel een schuur, maar de capaciteit is helemaal niet groot genoeg en bovendien kunnen dieven gemakkelijk langs deuren en ramen binnenkomen. Een grote opslagplaats moet er komen. 100.000 euro hebben ze daarvoor nodig. Ze hebben al een terrein aangekocht en de ontwerptekening is al gemaakt. De lokale comités van Lofepaco hebben ook al goed over het beheer nagedacht: hoe ze de zakken gaan registreren, hoe ze gaan sorteren volgens kwaliteit en variëteit, hoe ze het transport gaan organiseren, wie de sleutel van het magazijn zal bijhouden. Ze gaan dit nu in een reglement gieten. En het personeel van Vredeseilanden in Congo zal hen ondersteunen om interessante markten te vinden.

De opslagruimte geeft ook de mogelijkheid om een collectief verkoopssysteem op te zetten waarbij een boerin haar zak rijst naar een betrouwbaar depot kan brengen, een voorschot krijgt, en het bestuur van de opslagruimte interessante prijzen kan bedingen voor de verzamelde tonnen rijst. De boerin krijgt na de collectieve verkoop het verschil tussen het voorschot en de effectieve verkoopprijs uitbetaald.

De boerinnen pleiten dus heel hard voor hun opslagplaats. Om de oogst waar ze zo fier op zijn te kunnen omzetten in dollarbiljetten met veel nullen. En zo hun huishoudbudget te kunnen aanvullen om kleren te kopen, schoolgeld te betalen en allerlei sociale activiteiten te kunnen organiseren.